Wie regelmatig een les bij mij volgt, heeft mij vast weleens over fascia horen praten. Ik vind het namelijk ontzettend fascinerend. Hoe meer ik erover leer, hoe meer mijn kijk op het lichaam verandert.
We zijn gewend om over ons lichaam te praten in losse onderdelen: spieren, botten, gewrichten en organen. Maar in werkelijkheid is ons lichaam veel meer één geheel. En fascia speelt daarin een belangrijke rol.
Wat is fascia?
Fascia is bindweefsel dat zich als een groot driedimensionaal web door je hele lichaam verspreidt. Het ligt onder je huid, omhult spieren en spiervezels, ondersteunt organen en bevindt zich rondom zenuwen en bloedvaten.
Een mooie vergelijking is een grapefruit. Wanneer je die opensnijdt, zie je rondom ieder partje witte vliesjes. Die lopen door tot diep in de vrucht en zorgen ervoor dat alles zijn plek en vorm behoudt.
Zo kun je fascia ook een beetje voorstellen.
Lange tijd werd fascia vooral gezien als verpakkingsmateriaal. Tijdens anatomische ontledingen werd het vaak weggehaald om de spieren en organen eronder beter te kunnen bekijken. Inmiddels weten we dat het juist een levend en actief weefsel is dat een belangrijke rol speelt in onder andere beweging, krachtsoverdracht en lichaamsbewustzijn.

Alles is met elkaar verbonden
Op een anatomieplaat lijkt een spier een duidelijk afgebakend onderdeel. In een levend lichaam is dat anders. Bindweefsel loopt rondom én door de spieren heen en gaat vervolgens weer over in omliggende structuren.
Thomas Myers beschrijft dit in zijn bekende Anatomy Trains als een netwerk van myofasciale verbindingen door het lichaam. Het is een model om te begrijpen hoe verschillende delen van het lichaam met elkaar samenwerken.
Dat maakt ook begrijpelijk waarom een verandering op de ene plek soms ergens anders voelbaar is. Je beweegt nooit werkelijk één spier geïsoleerd; de rest van het lichaam doet altijd mee.
Misschien merk je dat zelf weleens. Je beweegt of masseert je voeten en merkt daarna ineens meer ruimte in je benen. Of je werkt rondom je bovenrug en merkt dat je armen daarna gemakkelijker bewegen.
Het lichaam is veel meer verbonden dan de losse plaatjes uit een anatomieboek doen vermoeden.
Fascia past zich aan
Misschien vind ik dit wel het interessantste aan fascia: het past zich voortdurend aan aan hoe jij je lichaam gebruikt.
In fascia bevinden zich onder andere fibroblasten. Dit zijn cellen die betrokken zijn bij het opbouwen, onderhouden en vernieuwen van het bindweefsel. Ze reageren op de prikkels die het lichaam krijgt.
Beweeg je weinig of zit je veel in dezelfde houding, dan past het weefsel zich daaraan aan. Verschillende fasciale lagen kunnen minder gemakkelijk ten opzichte van elkaar gaan bewegen en het lichaam kan stijver gaan aanvoelen.
Maar het werkt gelukkig ook andersom. Beweging geeft het weefsel steeds opnieuw een prikkel om zich aan te passen.
Daarom is variatie zo waardevol.
Wandelen geeft een andere prikkel dan krachttraining. Een draaiing doet iets anders dan een vooroverbuiging. Rustig rekken vraagt weer iets anders van het weefsel dan veren, rollen of springen.
Je hoeft dus niet per se méér te bewegen. Anders en gevarieerder bewegen is minstens zo interessant.
Fascia is een beetje als een spons
Fascia bestaat niet alleen uit sterke vezels zoals collageen. Het weefsel bevat ook veel vocht. Dat is belangrijk, omdat verschillende lagen tijdens beweging soepel langs elkaar moeten kunnen glijden.
Thomas Myers gebruikt hiervoor de vergelijking met een spons.
Druk je een natte spons in, dan wordt vocht eruit geperst. Laat je hem weer los, dan kan hij zich opnieuw vullen.
Beweging, rek en afwisselende druk doen iets vergelijkbaars met ons bindweefsel. Door compressie en ontspanning wordt vocht door het weefsel verplaatst en kunnen de verschillende lagen gemakkelijker ten opzichte van elkaar bewegen.
Daarom gaat hydratatie van fascia niet alleen over voldoende water drinken.
Het vocht moet ook kunnen bewegen.
En daarvoor hebben we beweging nodig.

Wat gebeurt er als we rekken?
Wanneer we vooroverbuigen zeggen we vaak: ‘Ik rek mijn hamstrings.’
Maar eigenlijk rekken we nooit alleen een spier. Iedere spiervezel bevindt zich namelijk in een netwerk van bindweefsel.
Onderzoeker Helene Langevin ontdekte dat de cellen in ons bindweefsel daadwerkelijk reageren op mechanische rek. Fibroblasten – de cellen die onder andere betrokken zijn bij het onderhoud van fascia – veranderen zelfs van vorm wanneer het weefsel langere tijd wordt gerekt.
Dat is ook interessant wanneer we kijken naar een rustige vorm van yoga zoals yin yoga. In plaats van een houding kort aan te nemen en weer los te laten, blijven we langere tijd in een relatief ontspannen houding. Daardoor geven we niet alleen spieren, maar ook het omliggende bindweefsel een mechanische prikkel.
Rekken is vanuit dat perspectief dus veel meer dan proberen een spier langer te maken. Je geeft levend weefsel informatie, waarop het lichaam vervolgens kan reageren en zich kan aanpassen.
En hoe zit het met Myofascial Release?
Naast bewegen en rekken kunnen we fascia ook op een andere manier prikkelen: door druk. Dat is het principe achter Myofascial Release, meestal afgekort tot MFR.
Bij MFR gebruik je bijvoorbeeld je handen of verschillende soorten ballen om een tijdje druk of andere roltechnieken op het weefsel toe te passen. Misschien ken je dat gevoel wel: in het begin kan een plek behoorlijk gevoelig of stug aanvoelen, maar wanneer je rustig blijft ademen en de druk niet forceert, merk je soms dat het gebied langzaam zachter wordt.
De combinatie van druk en weer loslaten beïnvloedt de vochtverplaatsing en glijbaarheid van het weefsel. Tegelijkertijd geef je via de vele zenuwuiteinden in fascia informatie aan het zenuwstelsel. Daardoor kan de spanning in een gebied veranderen en kan er meer bewegingsvrijheid ontstaan.
Eigenlijk geven we fascia dus op verschillende manieren informatie. Bij yin yoga gebeurt dat vooral door een rustige, langer aangehouden rek en compressie. Bij MFR voegen we gerichte druk of verschillende rol technieken toe. En bij gewone beweging laten we de verschillende weefsellagen steeds opnieuw ten opzichte van elkaar bewegen.
Het doel is daarbij niet om fascia met geweld ‘los’ te maken. Juist een rustige prikkel geeft het lichaam de mogelijkheid om zelf te reageren en zich aan te passen.

Fascia helpt ons ook voelen
Fascia is bovendien rijk aan zenuwuiteinden. Het fasciale netwerk geeft onze hersenen voortdurend informatie over spanning, houding en beweging.
Daardoor speelt het waarschijnlijk ook een belangrijke rol in ons lichaamsbewustzijn: het vermogen om van binnenuit te voelen waar je lichaam zich bevindt en wat er gebeurt.
En misschien verklaart dat ook waarom langzaam en bewust bewegen zo anders kan voelen dan gedachteloos een aantal oefeningen uitvoeren.
Je beweegt niet alleen je lichaam. Je krijgt tegelijkertijd de kans om waar te nemen wat er in dat lichaam gebeurt.
Juist dat navoelen is zo interessant. Hoe voelde je lichaam vóór een houding, een beweging of het gebruik van een bal? En wat is er daarna veranderd? Misschien is er meer ruimte, warmte of bewegingsvrijheid. Misschien voelt het juist helemaal niet anders, ook dat is informatie. Wees nieuwschierig naar de ervaring in dat moment.
Het wonderlijke web
Hoe meer we over fascia ontdekken, hoe duidelijker wordt dat ons lichaam niet zo eenvoudig op te delen is als de plaatjes uit een anatomieboek soms doen vermoeden.
Natuurlijk is fascia niet het enige weefsel dat bepaalt hoe we bewegen en voelen. Spieren, gewrichten, zenuwstelsel, hersenen, belasting en herstel werken allemaal samen. En ook binnen het fasciaonderzoek valt nog ontzettend veel te ontdekken. Fascia laat zien hoe sterk alles in ons lichaam met elkaar verweven is. Een spier staat niet op zichzelf, beweging vindt nooit maar op één plek plaats en het weefsel waarin we bewegen past zich voortdurend aan aan wat we ermee doen.
Het maakt voor mij ook duidelijk waarom variatie in bewegen zo waardevol is. Rekken, rollen, kracht gebruiken, ontspannen, wandelen, draaien, veren… iedere beweging geeft het lichaam weer andere informatie.
Misschien hoeven we ons lichaam daarom niet altijd te bekijken als iets wat we moeten corrigeren of ‘losmaken’. We kunnen het ook zien als een levend en veranderlijk netwerk dat voortdurend luistert naar de prikkels die we het geven.
Een wonderlijk web dat ons van top tot teen verbindt, en waarvan we steeds een beetje beter beginnen te begrijpen hoe bijzonder het eigenlijk is.
Bronnen & inspiratie
Deze blog is ontstaan vanuit mijn opleiding en mijn verdieping in fascia. Voor het schrijven heb ik gebruikgemaakt van:
- Esther Scheen / Pure Energy Yoga – opleidingsmanual Yin Yoga & Myofascial Release (MyoYin), behorend bij de 50-uurs Yin Yoga Teacher Training.
- The Mysterious World Under the Skin – documentaire over fascia en fasciaonderzoek.
- Conversations That Matter – Dr. Helene Langevin: The Science of Stretch – interview over bindweefsel, rekken en de reactie van fascia op mechanische prikkels.
- Thomas Myers – Q&A with Tom: Hydration in the Fascial Matrix.


Geef een reactie